Naar de inhoud
VME Wijzer
Wetgeving en beleidAnalyseBelgiëLeestijd 2 minuten

Ontbrekend wettelijk kader voor bewoonbare oppervlakte bij vastgoed: gevolgen voor VME's

België heeft geen uniform wettelijk kader voor de bepaling van bewoonbare oppervlakte bij vastgoedtransacties. Dit leidt tot interpretatieverschillen bij de berekening van quotiteiten en gemeenschappelijke kosten in VME's. Lees hoe u dit risico beperkt.

Waarom is het ontbreken van een oppervlaktekader een probleem?

In de Belgische vastgoedsector bestaat er geen uniform wettelijk kader dat bindend voorschrijft hoe en op welke basis de bewoonbare oppervlakte van een woning of appartement wordt bepaald. Dit betekent dat verschillende actoren, zoals makelaars, bouwpromotoren en notarissen, elk hun eigen methode hanteren, wat leidt tot interpretatieverschillen en tegenstrijdige oppervlaktegegevens bij de aankoop of verkoop van vastgoed.

Voor mede-eigenaars in een VME is dit bijzonder relevant omdat de quotiteiten, het aandeel van elke mede-eigenaar in de gemeenschappelijke kosten, in veel gevallen zijn gebaseerd op de oppervlakte van het privatief. Een foutieve of inconsistente meting kan leiden tot een ongelijke verdeling van kosten en tot betwistingen op de Algemene Vergadering.

Wat kunnen mede-eigenaars en VME's doen?

De quotiteiten in een VME zijn vastgelegd in de basisakte. Wanneer een mede-eigenaar vaststelt dat zijn quotiteit niet overeenstemt met de werkelijke oppervlakte van zijn kavel, kan hij een aanpassing vragen. Dit vereist een notariële wijziging van de basisakte en de instemming van alle mede-eigenaars, een complexe en kostelijke procedure.

Bij de aankoop van een appartement controleert u best altijd de oppervlaktegegevens in de koopakte en vergelijkt u deze met de basisakte van de VME. Schakel bij twijfel een beëdigd landmeter in vóór de ondertekening. Vraag uw syndicus ook de quotiteiten te toetsen aan de basisakte indien er al jaren discussie bestaat over de kostenverdeling.

Veelgestelde vragen

Hoe worden quotiteiten in een VME bepaald als er geen wettelijk oppervlaktekader is?
Quotiteiten worden vastgelegd bij de opmaak van de basisakte en zijn gebaseerd op de verhouding van elk privatief ten opzichte van het totale gebouw. De methode voor oppervlakteberekening kiest de notaris in overleg met de bouwpromotor. Er is geen wettelijk voorgeschreven methode.
Kan een mede-eigenaar zijn quotiteit laten aanpassen als de oppervlakte fout is gemeten?
Ja, maar een wijziging van quotiteiten vereist een notariële aanpassing van de basisakte en in principe de instemming van alle mede-eigenaars. Dit is een zware procedure. Laat de oppervlakte dus vóór aankoop controleren door een landmeter.
Is er een wettelijke Belgische norm voor de berekening van bewoonbare oppervlakte?
Er bestaat een Belgische norm (NBN B 06-002) die een methode voorschrijft, maar deze is niet wettelijk bindend. In de praktijk worden meerdere methodes gehanteerd, wat leidt tot afwijkende cijfers bij verschillende metingen.
Hoe voorkomt een VME betwistingen over oppervlaktegegevens bij de kostenverdeling?
Door bij de oprichting of bij een ingrijpende verbouwing een eenduidige meetmethode vast te leggen en alle oppervlaktegegevens door een beëdigd landmeter te laten opmaken. Transparante en objectieve gegevens in de basisakte vermijden latere discussies.

Deel dit artikel

Vond je dit nuttig? Deel het met je VME, mede-eigenaars, vrienden of familie.

Gerelateerde artikelen